Column: Toen kwam die hond

column joop van den haakJoop van den Haak bespreekt elke twee weken weer een ander facet van het rijke roze leven, of een dagelijks dilemma. Dit keer: Toen kwam die hond.

Edwin woonde sinds kort niet zo fraai. Hij woonde sinds zijn scheiding van zijn vriend Walter op een huurkamer. Hij vond wel dat daar verandering in moest komen. Maar hij had geen geld om een huis te kopen. Het vinden van een huurhuis of flat was niet zo gemakkelijk. De huren voor een beetje gerieflijke flat lagen zo tussen de 700 en 800 euro per maand.

Op een avond zag Edwin, zelf 45 jaar oud, een jongen in een homobar zitten, die hij op zo’n 30 jaar schatte. Het was een heerlijk type om te zien, knap en mooi gevormd. Er ontstond oogcontact tussen de twee. Al snel zaten ze naast elkaar en spraken met elkaar, keken elkaar diep in de ogen. Het klikte zalig tussen die twee. Edwin nodigde Bart, zo heette hij, mee te komen naar zijn kamer.

Aldaar gekomen ontstond al snel een zalig liefdesbad tussen de twee mannen. Bart vond wel dat Edwin nogal schamel woonde. Hij vertelde dat hij juist een huurwoning had gevonden. Edwin bood meteen spontaan aan Bart te helpen met de inrichting van zijn huis.

Tijdens het inrichten van Barts huis werd de verliefdheid tussen de twee mannen zo heftig dat Bart Edwin aanbood zijn toekomstige woning samen te betrekken. Dat was niet alleen prettig vanwege de liefde, maar ook economisch gezien een pluspunt, zoals de huurprijs samen delen.

Op de dag dat beide mannen samen de woning van Bart zouden betrekken, vertelde Bart dat hij even langs een vriend moest gaan om zijn hond op te halen. Edwin had daar niet op gerekend. Hij was niet zo gecharmeerd van honden. Maar zijn liefde voor Bart overwon wat van zijn afweer jegens die komende vierpoter.

Tippy was een asbakkenras hondje, die gewend was op het bed van zijn baas te slapen. Toen Edwin dat hoorde, verstijfde hij bijna van afweer. Hij vond zo’n beest op bed niet bepaald hygiënisch. Bart zei: ‘Schat, dat met een hond in bed is een kwestie van wennen. Trouwens, Edwin, ik kan niet zonder Tippy. Hij moet echt bij ons op bed slapen.’

De eerst liefdesnacht met de hond erbij verliep moeizaam en onrustig. De liefdeshandelingen tussen beide geliefden verliepen hinderlijk. Na het erotisch spel sliep Bart als een roos, maar Edwin lag de halve nacht wakker.

De andere dag zei Edwin tegen Bart dat het zo niet langer kon met die hond. Hij stelde voor Tippy op de bank in de huiskamer te laten slapen. Met heel veel tegenzin stemde Bart in met Edwins voorstel.

De tweede nacht lag Tippy de helft van de tijd te piepen en te grommen met als gevolg dat Bart de derde nacht de hond weer in bed nam, hetgeen Edwin met lede ogen aanzag.

Edwin die vermoedde dat als hij Bart voor de keus zou stellen: de hond het bed uit of hij het bed uit, dat dan zijn jong geliefde voor zijn Tippy zou kiezen. Hij besloot dus geen voorstellen in die richting te doen. Hij wilde Bart vooral niet als vriend verliezen.

Het assenbakkenkras-hondje was al oud. Edwin hoopte een beetje gemeen, dat Tippy vroeg of laat zijn hondenoogjes definitief zou sluiten.

Gaandeweg toch begon Edwin aan Tippy te wennen en hij betrapte zichzelf erop, dat hij de hond zomaar af en toe ging aaien.

Ik heb er vertrouwen in dat het op de duur harmonisch wordt tussen Bart, Edwin en hun hond.

 



Categorieën:Column, Joop van den Haak, Nieuws

Tags: ,

%d bloggers liken dit: